Niet ingelogd - Inloggen
Bekijk geschiedenis

BRU-AGSB-Z-1091

Algemene gegevens

Analytische datum: 28-11-1734

Opmerkingen analytische datum: Bijkomende dateringen: "den eersten 8bre duijst Seven hondert en drijendertigh" (01/10/1733); "in daete dertighsten december Seventhien hondert drijendertigh" (30/12/1733); "in daeten dertighsten oust Seventhien hondert vierendertigh" (30/08/1734); "baefmesse xvij.C drijendertigh" (01/10/1733).

Type: Ingebruikname door de abdij van Zonnebeke van de hofstede te Zonnebeke, waarop een rente ten laste van Guilliaeme de Smet bezet staat, nu deze laatste niet in staat blijkt de interesten te betalen

Beschrijving: Guilliaeme de Smet, inwoner van zonnebeke, is belast met een rente van 290 ponden 13 schellingen 4 groten Vlaamse munt, met een interest van 'de penning 20' ten voordele van Jacobus Carpentier, ingegaan op 01/10/1733 en bezet op de helft van een hofstede te Zonnebeke. Carpentier verkocht deze rente aan de abdij van Zonnebeke, en ontving daarvoor het kapitaal en de verlopen interesten (30/08/1733). Aangezien de genoemde De Smet niet langer in staat is om de interesten te betalen aan de abdij, stemt hij ermee in dat de abdij van Zonnebeke de verhypothekeerde hofstede in gebruik neemt, vanaf 01/10/1733. Mocht de renteheffer ooit afstand willen doen van het gebruik van de grond, of mocht de rente ooit afgelost worden, dan komt de grond terug aan de renteplichtige.

Tekst

[VOORLOPIG]

test

den onderschreven guille. de Smet woonende tot Zonnebeke geldende aen jacobus Carpentier eene rente van twee hondert negentigh ponden derthien schellijnghen vier groote vlaems Capitael Crooserende penninck twintigh cours ende inganck genomen hebbende den eersten 8bre duijst Seven hondert en drijendertigh gehijpotequeert op d'helft van eene hofstede in het selve Zonnebeke Lest in pachte gebruijckt door Jan frans. Boutten met drooghe ende groene Catteijlen breeder gementionneert bij den rentebrief verkent voor Bailliu ende Schepenen van het voorseijde Zonnebeke in daete dertighsten december Seventhien hondert drijendertigh welcke rente met de verloopen Croosen den voorseijden Jacobus Carpentier heeft getransporteert aen ende in proffijtte vande abdije van Zonnebeke vanden welcken hij heeft ontfanghen de volle port├ę van het Capitael ende verloopen Croosen Soo blijckt uijt den transport in daeten dertighsten oust Seventhien hondert vierendertigh dogh den Selven guille. de Smet hem vindende overlast ende buijtten Staet van

test

Jaerelijckx te betaelen voor als nogh de verloopen vande geseijde rente Soo ist dat hij bij desen verclaert te consenteren dat de voorseijde abdije van Zonnebeke neme de jouissance ofte gebruijck der verLeende hijpoteque met de drooghe ende groene Catteijlen beginnende baefmesse xvij.C drijendertigh Sonder van dies elckanderen rekenijnghe bijbrengh ofte reCompense te moeten doen ten welcken effecte estimatie is gedaen door den gesworen prijser hubreght verenne vande huijsijnghe met de drooghe ende groene Catteijlen alles om in Cas den renteheffer quaeme afstant te doene van Sijnne jouissance ofte dat den onderschreven Sijnne hoirs ofte naerCommers wilden doen den aflos vande geseijde rente ende de hijpoteque naer hun trecken de voorseijde huijsijnghe boomCatteijlen ende taille van houtte aendermael te worden overgelevert bij prijsie ghelijck het ter aerden Laeghe ende van dies elckanderen baete te heffen ofte Schaede te betaelen naer bevint alle het gonne den voorseijden guille. de Smet ende den eerweerdighsten heer patricius holvoet abt ende heere van Zonnebeke reciproquelijck

test

verclaeren te accepteren ende elckanderen tot al het voorschreven te authoriseren ende maghtigh te maeken met cessie ende transport naer behooren op de obligatie ende renunciatie als naer rechte desen achtentwintighsten 9bre duijst Seven hondert vierendertigh

tmarck van + Guilliaeme de Smet

declarerende anders niet te connen schrijven

Patricius holvoet Abt ende heere van Zonnebeke