Niet ingelogd - Inloggen
< vorige

BRU-AGSB-Z-321

Algemene gegevens

Analytische datum: 28-02-1620

Opmerkingen analytische datum: Bijkomende datering: "ten jaere 1627"; "den xiij.en 7bre 1647" (13/09/1647); "den eerste my 1504" (01/05/1504).

Type: Denombrement door Maryn de Smet van grond, in leen gehouden van de abt van Zonnebeke + uittreksel uit een renteboek van de abdij betreffende de Westhoek

Beschrijving: Beschrijving en denombrement van een leen dat door Maryn de Smet filius Lywens gehouden wordt van de abt van Zonnebeke [+ situering van de grond, en plichten van de leenman]. Op hetzelfde document bevindt zich ook een uittreksel uit een renteboek van de heerlijkheid van de abdij van Zonnebeke, betreffende de Westhouck.

Tekst

[VOORLOPIG]

test

Extrait ghetrocken vuyt den rentebouck der heerelichede van d'Abdie van Sonnebeke alwaer onder- hander staet t'naeruolghende

Westhouck

De weduwe hindryck t'hybaut heeft een busselken streckende oost ende west palende van oosten d'hoirs Joos Salen ende de Kynderen mr Jan vander Stichele van suyden ende westen mr rotsert Leinglard end van noorden t'Leen vande weduwe Sr. Jaques de smet groodt - j: Lyn l: roeden

[in de marge ervoor: nota dese partie is gemeten ten jaere 1627 ende is groot [...?] de hemel[?] j lijne 90 Roeden]

Item wat oost van t' voorgaende een partye buschlandt streckende suyt ende noort palende van noorden oosten ende suyden t'busch ende saylandt van dese Abdye ende van westen den disschebosch van sonnebeke groodt - ij: lynen

[in de marge ervoor: Bij male[...?]lsa beuonden [...?] 46 Roeden seght te sijn zale ende [...?] geerst te wesen]

Nombre tsamen - een gemet l: roeden

Ghelt Jaerlicx een francaert ende 1/6 francaert hauer Iper Coorne maete ende In p[enningh]e rente v d parisis

test

dit is t'rapport grootte ende denombrement van een Leen dat ick Maryn de smet filius lywens houdende bem van seer Eerwerdighen heere ende vader in gode myn heere den prelaet ende Conuent van Sonnebeke, ende dit ter Cause van synen houe ende heerelichede van Sonnebeke voornomt groot myn voorseide Leen twee lynen lants, busch wesende, ligghende Inde voorseide prochie van Sonnebeke aboutterende van oosten Daniel Verbeke, van suyden Jacques van Ipre van westen ende noorden Jan Soenen ghenaemt den maischel pit staende myn voornomden leene ter trauwe ende waerhede ter better vrome ter veranderynghe ende vercoopynghe t'hienden penninck met ghelijck relieft ende Camerlynckghelt metschaeders ten dienste van een paer Cappoenen alle Jaere te Sint Maertensmisse welck leene myn toecommen is byder doodt ende ouerlyden van Maerten de Smet Mynnen bailliu vanden voorseiden houe ende heerelicheyt van Zonnebeke onder alle gewoonlycke ende behoorelycke protestatie ter kennisse der waerheyt soo hebbe ick maryn de smet voorseit dit rapport geteeckent ende gezeghelt met myn ghewoonelyck hateecken [sic] ende seghel desen 28.e february 1620

Maryn de smet verliest dit leenken den 28.e february 1620

dit leechin is gewesen in schee[...?]ms handen den xiij.en [septem]bre 1647

gillis de blonde verliest dit leenken genaemt t'Leen in diebeke den eersten my 1504