Niet ingelogd - Inloggen
< vorige

BRU-AGSB-Z-993**

Algemene gegevens

Analytische datum: 27-01-1720

Type: Beschrijving van gronden, deels in het bezit van Jan Frans[ois] Durnez en zijn echtgenote, Pietronelle Bouten, te Zonnebeke

Beschrijving: Beschrijving van de gronden, deels aan Jan Frans[ois] Durnez en zijn echtgenote, Pietronelle Bouten, volgens de verdeling die scheidsman Geerardus Bouten opmaakte betreffende het sterfhuis van heer Jan Bouten (27/01/1720). Nadien erfden ze ook van Scholastica Pauwelijn, overleden weduwe van de genoemde Jan Bouten. Een deel van deze goederen bezitten ze in onverdeeldheid met Jacobus Carpentier [+ situering en beschrijving van de gronden]. In het totaal gaat het om 28 gemeten 2 lijnen 47 roeden

Tekst

Gedeelte van
test
[voorkant]

tnaervolghende sijnde partijen van hofstede ende Landen Competerende ouer d'helft Jn de helft aen Jan fran[ciscu]s Durnez ende pietronelle Bouten sijne huijsvrauwe volghens het Deellot ende Cauelbrief ghetrocken wt De separatie ghemaeckt ende ghesloten ten sterfhuijse s[ieu]r Jan Bouten door den deelsman geerardus Bouten den xxvij.en Januarij xvij.C twijntigh dies een ghelick vierde hun t'sedert is veruallen Bij Successie van scholastica pauwelijn ouerleden weduwe

test
[voorkant]

vanden voorseijden Jan Bouten danof de wederhelft te lote is ghebeurt aen Jacobus Carpentier Causa vxoris alsdan ghemeene ende onuerdeelt Aluooren de Behuijsde hofstede aldaer de huijsijnghen op staen met een partijeken boomgaert van suijden ende westen mitsgaders xlviij roeden lants ouer de wtdreue tot de becelaerstraete ghemeene eertijts met de weese guilliamus pauwelijn alsnu Desen voorseijden sterfhuijse ouer tresterende vierde paelende van suijden westen ende noorden de naervolghende Landen haghen Jncluijs ende van oosten tnaervolghende Gars groot Jnt gheheele ij lijnen lij roe[de]n Jtem oost aende voorseijde hofstede twee ghemeten een lijne xxxix.tich roeden onder boomgaert ende garserije

Streckende oost ende west paelende van oosten t'forreest vande abdije van zonnebeke half dijck noch oost tnaervolghende gars wulghen met vrijdom Jncluijs suijt het eerste naervolghende saijlant doornehaghe met vrijdom hier Jncluijs van noorden t'saijlant vande voorseijde weese pauwelijn alsnu derfue gaende met desen goede hierachter staende ende west de voorenstaende hof[sted]e Jtem noch oost daeran een partije garslant streckende alsvooren happende een weijnigh opde suijtsijde groot twee ghemeten liiij roe[de]n paelende van oosten een straetgien aldaer maeckende tghescheet van Beijde de heerelicheden van zonnebeke noch oost aende happe het Busch antheunis vermeersch weire Jncluijs suijt den seluer busch De

test
[voorkant]

struijcken opden houuer ofte weire met vrijdom Jncluijs noch zuijt het eerste naervolghende saijlandt haghe Jncluijs ende van noorden tmeersch vande abdie voorseijt halfdijck ende tnaervolghende busschelken de weire ofte struijcken Jncluijs Jtem noort Daeran sesentseuentigh roe[de]n Busch streckende alsvooren Paelende van oosten t'voornomde straetgien van westen ende noorden tmeersch van[de] voorseijde Abdije half Dijck Jtem suijt aen t'voorgaende gars ende boomgaert ses ghemeten neghenentachtigh roe[de]n saijlant palende van oosten tbusch vanden voornomden antheunis vermeersch aldaer gaende tot Jeghens den houuer ende tbusch van Jo[ncvrauw]e Bouuaerts haghe Jncluijs suijt deerste naervolghende partije veure ghemeens ende t'saijlant vande abdije mitsg[ader]s

van westen t'saijlandt van desen goede elshaghe afgaende Jtem suijt Daeran een partije saijlant Groot twee ghemeten een lijne liiij roeden palende van noorden tvoorgaende veurghemeens ende t'busch vanden voornomden vermeersch haghe afgaende oost den seluen haghe Jncluijs suijt tbusch D'hoirs anth[euni]s Castelein ende tbusch vanden greffier ende Deelsman Bouten ghenaemt rijsselbusch ende van westen tLant van Desen goede Eertijts ghecommen wtten hoofde vande voorseijde weese pauwelijn Jtem west daeran een partije saijlant happende op Doostsijde groot een ghemet xxj roe[de]n palende van oosten t'voorgaende scheedende op een eexken staende ten noort- oosthoucke haghe Jncluijs noch-

test
[voorkant]

Oost ende suijt t'busch vanden voorseijden greffier Bouten ghenaemt Rijsselbusch west ende noort t'busch ende Lant vande voorseijde Abdije wtbrenghende t'samen de voorschreuen drie partijen den nombre van neghen ghemeten twee lijnen lxiiij roeden Jtem west aende voorenstaende partije van ses ghemeten neghenentachtentigh roeden saijlant een partije saijlant groot Jnt gheheele Drie ghemeten twee lijnen xxix roeden Dies Den suijtcant Competeert alhier totten hoofde ende Bij Coope vande weese vanden voorseijden Jan franchoijs vander meersch ende den noortcant vande voors[eijd]e weese pauwelijn palende van suijden de Landen van de voorseijde abdije west de straete leedende van zonnebeke naer becelaere noort de dreue vande voors[eijd]e hofstede oost t'lant hiervooren staende

elshaghe Jncluijs Jtem noort Daerbij twee ghemeten iiij.XX iiij Roeden saijlant Streckende meest suijt ende noort palende van oosten t'naer- volghende ende de voorenstaende hof[sted]e haghe afgaende suijt de voors[eijd]e Dreue van dese hofstede de Boomen met vrijdom afgaende west de voors[eijd]e straete loopende naer becelaere ende van noorden Dabdie Landen half Dijck Jtem oost daeran vijf ghemeten lxix roe[de]n saijlant Dies den suijthelft alhier Competeert wtten hoofde vande voorseijde weese Pauwelijn ende den noorthelft van De vermelde weesen van Jan fran[cisu]s vander meersch streckende oost ende west palende van oosten t'forreest vande voors[eijd]e abdije half dijck stuijt de voorenstaende hofstede ende garsijnghen van noorden ende westen t'saijlant van[de] voors[eijd]e

test
[voorkant]

abdije noch west t'voorgaende Jtem west vande voorenstaende hofstede een partije saijlant ghecommen wt den hoofde van[de] voors[eijd]en pauwelijn groot volghens den rentebouck een ghemet twee lijnen iiij.XX Roeden palende van oosten de straete leedende van Zonnebeke naer becelaere suijt ende west t'lant ende Busch al te lote ghebeurt aen Jan fran[ciscu]s Bouten ende nicolaijs vander haghen noch west ende noort tlant van[de] abdije van Zonnebeke nombre t'samen van alle de voorenstaende partijen van ghemeene hofstede ende landen bedraeght achtentwijntigh ghemeten twee lijnen seuenenveertigh roe[de]n alles met de Drooghe ende groene Catheijlen opde respectiue partien staend[e] welcke Catheijlen de Comparanten versoucken oock ghewesen te worden Jn laste tot recouure ende versekerthede vande voorenstaende rente als

verloopen volghens den teneur der voorenstaende acte Dienvolghende hebben wij Bailliu Burghem[eeste]re ende Schepenen voorschr[euen] de voors[eijd]e Comparanten volontairelick al wel ende wettelick ghecondemneert ende de voorenstaen[de] opghebrochte hijpoteque ghewesen Jn laste alsvooren ter accepta[ti]e vanden vermelden Carpentier die declareert sijne Jntentie te wesen met Consente van[de] eerste Comparanten debiteuren dat dese rente sal wesen de voorrente mits naer dese rente hedent een ghelijcke rente van een hondert ponden grooten sal passeren ten proffijtte van hem Carpentier als transport ende cessie hebbende vanden heer pastoor van zonnebeke Jn teecken der warheijt hebben wij dese letteren van rentebriefue laeten depecheren onder de signature van onsen greffier die aldus ghedaen ende ghepasseert waeren t'onser ext[raordinai]re vergaderijn[ghe] desen vierden maerte seuenthien hondert tweeentwijntigh mij toorconden als greffier

G. Boutens 1722

[in de linkermarge:] nota dat jck in onse rek[enijngh]e va[n] daten te 68[?] 1728 geconsenteert hebbe dese rente te laten p[ennin]c twintigh